ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ9391
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- B.A. van Brummelen
- A.H.R.M. Denie
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag BPM wegens feitelijk ter beschikking staan voertuig en oplegging boete
Belanghebbende werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag BPM van €3.172 en een boete van hetzelfde bedrag omdat hij een niet-geregistreerde witte Mercedes gebruikte die voorzien was van kentekenplaten van een andere auto. De inspecteur stelde dat belanghebbende het voertuig feitelijk ter beschikking had, ondanks dat hij geen eigenaar was.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat belanghebbende het voertuig bestuurde en daarmee feitelijk ter beschikking had, hetgeen de belastingplichtige maakt. Het beroep op het herstelbeleid werd verworpen omdat belanghebbende bekend was met de werking van de Wet BPM en bewust de heffing probeerde te ontlopen door het gebruik van duplicaat-kentekenplaten.
Het Hof bevestigde deze beoordeling, verwierp het beroep van belanghebbende en oordeelde dat de boete van 100% passend en geboden was vanwege opzet en grove schuld. De uitspraak van de rechtbank werd daarmee bekrachtigd, zonder veroordeling in kosten.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag en boete van 100% wegens feitelijk ter beschikking staan van een niet-geregistreerde auto en bewust gebruik van vals kenteken.