ECLI:NL:GHAMS:2013:CA1735
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- S.F. Schütz
- J.E. Molenaar
- R.Tj. Terpstra
- Rechtspraak.nl
Vermindering schadevergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag wegens bedrijfseconomische redenen
Autobedrijf [ X ] heeft de arbeidsovereenkomst met [ Geïntimeerde ], administratief medewerkster met 17 dienstjaren, opgezegd wegens bedrijfseconomische redenen. Het UWV verleende hiervoor toestemming. De kantonrechter kende een schadevergoeding van €30.000 bruto toe wegens kennelijk onredelijk ontslag.
In hoger beroep heeft het hof de grieven van Autobedrijf [ X ] en [ Geïntimeerde ] beoordeeld. Het hof oordeelde dat het ontslag niet op een valse reden was gebaseerd en dat de bedrijfseconomische noodzaak aannemelijk was. Wel vond het hof dat de kantonrechter onvoldoende rekening hield met de financiële situatie van de werkgever en het ontbreken van voorzieningen voor de werknemer.
Het hof stelde vast dat het eigen vermogen van Autobedrijf [ X ] negatief was en dat de werkgever slechts beperkt gebruik kon maken van een kredietfaciliteit binnen de concernstructuur. Gezien deze omstandigheden achtte het hof een lagere schadevergoeding van €20.000 bruto passend. De vordering van [ Geïntimeerde ] tot verhoging van de vergoeding werd afgewezen. De wettelijke rente werd toegekend vanaf 1 maart 2010. Partijen dragen in principaal appel ieder de eigen kosten, in incidenteel appel is [ Geïntimeerde ] kostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag verlaagd naar €20.000 bruto met wettelijke rente vanaf 1 maart 2010.