Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- mevrouw [a] namens de Raad;
- mevrouw […] ([s]) namens William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering (hierna: WSJ);
- mevrouw [c], werkzaam bij Het Vlier Centrum.
2.De feiten
3.Het geschil in hoger beroep
4.Beoordeling van het hoger beroep
.De moeder heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij thans wel in staat is aan te sluiten op de specifieke opvoedingsbehoefte van de kinderen. Hierbij neemt het hof in aanmerking dat de moeder nog steeds onrust teweegbrengt bij de kinderen doordat zij de kinderen belast met volwassenenproblematiek en hen betrekt bij, althans onvoldoende weghoudt van haar strijd tegen WSJ en Lijn5. Ter zitting in hoger beroep heeft [s] verklaard dat de moeder gedurende een half jaar niet wilde meewerken aan een begeleide bezoekregeling met de kinderen, hetgeen door de moeder niet is betwist. Het hof is van oordeel dat de moeder aldus onvoldoende de belangen van de kinderen voor ogen houdt.