In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter is vastgesteld dat verdachte op 29 oktober 2013 in Amsterdam, samen met een ander, opzettelijk meer dan 30 gram hennep heeft vervoerd. Het hof verwierp het verweer van onvoldoende bewijs en stelde vast dat het definitieve laboratoriumrapport leidend is, ondanks verschillen met de voorlopige test.
Getuigenverklaringen en politie waarnemingen, waaronder het zien lopen van twee mannen met vuilniszakken en het neergelegde materiaal, vormden samen met de waarnemingen van de politie de basis voor de bewezenverklaring. De verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
De strafoplegging hield rekening met de ernst van het feit, de hoeveelheid hennep en de maatschappelijke impact van hennephandel. Gezien het ontbreken van eerdere onherroepelijke veroordelingen werd een gevangenisstraf van zes maanden opgelegd, met aftrek van voorarrest.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht met een aangepaste bewezenverklaring en strafoplegging.