beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.102.055/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 9 januari 2014
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ENECO RETAIL B.V.,
gevestigd te Rotterdam,
VERZOEKSTER,
advocaten:
mr. R.B. Gerretsenen
mr. H.T. Verhaar,kantoorhoudende te Rotterdam,
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
GROENE ENERGIE ADMINISTRATIE B.V.,
handelend onder de naam
Greenchoice,
gevestigd te Rotterdam,
VERWEERSTER,
advocaten:
mr. A.N. Stoopen
mr. C.J. Scholten, kantoorhoudende te Amsterdam,
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ENERGIE CONCURRENT B.V.,
gevestigd te Rotterdam,
BELANGHEBBENDE,
advocaten:
mr. M.M. Tuijtelen
mr. W. Buikstra, kantoorhoudende te Rotterdam,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[belanghebbende sub 2],
gevestigd te Rotterdam,
BELANGHEBBENDE,
advocaat:
mr. P.J. van der Korst, kantoorhoudende te Amsterdam.
1. Het verloop van het geding
1.1 Partijen worden hierna aangeduid als Eneco, Greenchoice, Energie Concurrent en [belanghebbende sub 2]. Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 27 april 2012, 3 mei 2012, 27 juli 2012, 23 mei 2013, 21 juni 2013, 10 december 2013 (alle met zaaknummer 200.102.055/01) en 18 oktober 2013 (met zaaknummer 200.102.055/02).
1.2 Bij de beschikkingen van 27 april en 3 mei 2012 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Greenchoice, bepaald dat het onderzoek ten hoogste € 50.000 (exclusief BTW) mag kosten, mr. P. Cronheim benoemd tot onderzoeker en bij wijze van onmiddellijke voorzieningen voor de duur van het geding Energie Concurrent geschorst als bestuurder van Greenchoice, drs. F. van Westen (hierna: Van Westen) benoemd tot bestuurder van Greenchoice en de door Energie Concurrent gehouden aandelen in Greenchoice ten titel van beheer overgedragen aan ir. W.P.M. van der Schoot.
1.3 Bij beschikking van 27 juli 2012 heeft de Ondernemingskamer op verzoek van de onderzoeker het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten verhoogd tot € 125.000 (exclusief BTW).
1.4 Bij beschikking van 21 juni 2013 heeft de Ondernemingskamer dit bedrag verhoogd tot
€ 225.000 (exclusief BTW).
1.5 Bij brief van 6 december 2013 heeft de onderzoeker het verslag van het in 1.2 bedoelde onderzoek met de daarbij behorende bijlagen aan de Ondernemingskamer doen toekomen. Voorts heeft de onderzoeker bij voormelde brief de Ondernemingskamer verzocht zijn vergoeding te bepalen op
€ 225.000 (exclusief BTW). In verband daarmee heeft de onderzoeker als bijlage bij die brief een urenspecificatie overgelegd van alle in het kader van het onderzoek verrichte werkzaamheden. Deze specificatie sluit op een bedrag van € 295.131,50 (exclusief BTW).
1.6 Bij de beschikking van 10 december 2013 heeft de Ondernemingskamer bepaald dat het op die dag ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegde verslag van het onderzoek met de daarbij behorende bijlagen ter inzage ligt voor belanghebbenden, en partijen in de gelegenheid gesteld zich uiterlijk op 17 december 2013 schriftelijk uit te laten over het verzoek van de onderzoeker om zijn vergoeding te bepalen op € 225.000 (exclusief BTW).
1.7 Bij brief van 16 december 2013 heeft mr. Stoop namens Greenchoice laten weten dat Greenchoice geen bezwaar heeft tegen voormeld verzoek van de onderzoeker. Van de overige partijen is in dit verband niet vernomen.