ECLI:NL:GHAMS:2014:2467
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J. den Boer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen WOZ-waarde hoekwoning te Bloemendaal met waardevaststelling in goede justitie
De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde van een hoekwoning te Bloemendaal voor het jaar 2012 vast op €733.000. Belanghebbende maakte bezwaar, dat werd afgewezen. De rechtbank stelde vervolgens de waarde vast op €695.000. Zowel belanghebbende als de heffingsambtenaar stelden hoger beroep in, waarbij de heffingsambtenaar incidenteel hoger beroep voerde tegen de uitspraak van de rechtbank.
Het geschil betrof de juiste waardebepaling van de woning, waarbij partijen verschillende taxaties en referentieobjecten aanvoerden. Het Hof oordeelde dat de heffingsambtenaar onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zijn vastgestelde waarde niet te hoog was, mede omdat de gebruikte referentieobjecten qua perceeloppervlakte en ligging onvoldoende vergelijkbaar waren. Ook de door belanghebbende aangevoerde referentieobjecten waren onvoldoende geschikt.
Het Hof stelde de waarde in goede justitie vast op €660.000, waarbij het de wederzijdse taxaties ongeveer even zwaar woog. Het incidenteel hoger beroep van de heffingsambtenaar werd ongegrond verklaard. Daarnaast werd de heffingsambtenaar veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende en het griffierecht terugbetaald.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de hoekwoning wordt vastgesteld op €660.000, het hoger beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en het incidenteel hoger beroep ongegrond.