ECLI:NL:GHAMS:2014:2934
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.J.G.B. Heutink
- D. Radder
- M.E.A. Wildenburg
- Rechtspraak.nl
Verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep wegens intrekking belang
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 23 december 2013. De verdachte had een werkstraf en jeugddetentie opgelegd gekregen, alsmede schadevergoedingsmaatregelen aan benadeelden. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 15 april 2014 heeft de raadsman van de verdachte medegedeeld dat verdachte geen belang meer heeft bij het hoger beroep en het daarom wenst in te trekken.
Het hof heeft de vordering van de advocaat-generaal en de toelichting van de raadsman van verdachte in overweging genomen. Gezien het ontbreken van een rechtens te beschermen belang bij voortzetting van het hoger beroep, heeft het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep voor de bewezen verklaarde feiten.
De strafoplegging zoals vastgesteld door de rechtbank blijft ongewijzigd. Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 15 april 2014.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens gebrek aan belang.