ECLI:NL:GHAMS:2014:3715
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.G. Kleene-Eijk
- G.J. Driessen - Poortvliet
- W.J. van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Schorsing tenuitvoerlegging pensioenafstorting bij echtscheiding wegens liquiditeitsproblemen man
Partijen zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden en hun huwelijk is ontbonden in 2012. De man heeft diverse ondernemingen en heeft pensioen in eigen beheer opgebouwd. De rechtbank had bepaald dat de man binnen drie maanden een groot bedrag moest afstorten ter garantie van de pensioenrechten van de vrouw.
De man is in hoger beroep gekomen tegen deze beschikking en verzocht tevens om schorsing van de tenuitvoerlegging, stellende dat hij niet over voldoende liquide middelen beschikt en dat er nieuwe feiten en juridische misslagen zijn. De vrouw stelde zich op het standpunt dat de man niet-ontvankelijk moest worden verklaard.
Het hof overwoog dat schorsing van de tenuitvoerlegging mogelijk is indien sprake is van een juridische of feitelijke misslag of een noodtoestand bij de geëxecuteerde. Uit de stukken en de zitting bleek dat de man weliswaar solvabel is, maar geen liquide middelen heeft om aan de afstortingsverplichting te voldoen, en dat hij een krediethypotheek heeft verstrekt en geen extra krediet kan krijgen.
Het hof achtte het in het belang van partijen om het onderzoek naar de liquiditeit van de man af te wachten en besloot daarom de tenuitvoerlegging van de beschikking te schorsen tot aan de einduitspraak. Tevens werd bepaald dat de behandeling van het hoger beroep gelijktijdig met een aanhangige alimentatiezaak zal plaatsvinden. Het verzoek tot voeging van een andere zaak werd afgewezen.
Uitkomst: De tenuitvoerlegging van de beschikking tot afstorting van het pensioenbedrag wordt geschorst tot aan de einduitspraak.