ECLI:NL:GHAMS:2014:4069
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M. Iedema
- F.M.D. Aardema
- J.A. Peters
- Rechtspraak.nl
Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk wegens bescherming op grond van Vluchtelingenverdrag
In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter is aan verdachte ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 22 augustus 2011 te Schiphol in het bezit was van een vals reisdocument, namelijk een Chinees paspoort. Tijdens de terechtzitting bleek dat de verdachte op 20 februari 2013 een positieve beschikking op zijn asielaanvraag heeft ontvangen.
Het hof heeft de vordering van het Openbaar Ministerie en de verdediging onderzocht en geoordeeld dat de verdachte op grond van artikel 31 van Pro het Vluchtelingenverdrag bescherming geniet tegen vervolging voor het bezit van het vals reisdocument. Gezien deze bescherming verklaart het hof het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging.
Het hof vernietigt het vonnis van de politierechter en doet opnieuw recht door de niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie te verklaren. Hiermee komt een einde aan de strafvervolging tegen de verdachte wegens het ten laste gelegde feit.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging wegens bescherming op grond van het Vluchtelingenverdrag.