ECLI:NL:GHAMS:2014:4626
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.A.M. de Wit
- P.C. Römer
- A. Dantuma-Hieronymus
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep leerplichtzaak wegens niet-inschrijving minderjarige op school
De zaak betreft een hoger beroep tegen een vonnis van de kantonrechter waarin verdachte werd vrijgesproken van het niet voldoen aan de inschrijfplicht van zijn minderjarige dochter volgens de Leerplichtwet 1969.
Het hof acht bewezen dat verdachte in de periode van 5 september 2011 tot en met 18 november 2011 niet heeft voldaan aan de verplichting zijn dochter als leerling van een school ingeschreven te houden. Verdachte beriep zich op vrijstelling vanwege overwegende bedenkingen tegen de richting van het onderwijs, gebaseerd op zijn orthodox-salafistische islamitische levensovertuiging. Het hof oordeelt dat deze bedenkingen niet de richting van het onderwijs betreffen zoals bedoeld in de wet, maar praktische tekortkomingen die in overleg met de school opgelost kunnen worden.
Het hof toetst tevens de verenigbaarheid van de Leerplichtwet met artikel 9 EVRM Pro en artikel 2 van Pro het Eerste Protocol EVRM. De jurisprudentie van de Hoge Raad bevestigt dat de wet geen inbreuk maakt op de godsdienstvrijheid en het recht op onderwijs, ook niet indien binnen redelijke afstand geen school is met de gewenste godsdienstige richting.
Hoewel het bewezen is dat verdachte niet aan de inschrijfplicht voldeed, wordt geen straf opgelegd vanwege de inschrijving van de dochter sinds mei 2012 en de overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep. Het hof vernietigt het vonnis van de kantonrechter en spreekt verdachte vrij van het meerdere ten laste gelegde.
Uitkomst: Verdachte wordt bewezen verklaard de inschrijfplicht niet te hebben nageleefd, maar krijgt geen straf opgelegd vanwege inschrijving dochter en termijnoverschrijding.