Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
mr. R.E.Jonente Amsterdam,
.,
mr. B.T. Craemerte Amsterdam.
1.Het geding in hoger beroep
- memorie van grieven, met producties;
- memorie van antwoord, met producties.
Gerechtshof Amsterdam
Werknemer trad in 2006 in dienst bij Blinck en kreeg daarbij Stock Appreciation Rights (SAR’s) toegekend, die bij verkoop van Blinck uitbetaald zouden worden. De verkoop is echter niet gerealiseerd. Werknemer stelt dat hem vooraf een aanstaande verkoop was voorgespiegeld, waardoor hij het dienstverband aanging in plaats van zelfstandig te blijven werken, en vordert schadevergoeding.
De kantonrechter wees de vordering af en ook het hof bekrachtigt dit vonnis. Het hof overweegt dat geen sprake is van een garantie op verkoop, maar hooguit een optimistische verwachting. Blinck heeft serieus geprobeerd te verkopen, en er is geen wanprestatie of dwaling vastgesteld. Ook is geen sprake van ongerechtvaardigde verrijking, omdat de kans op hogere verdiensten via SAR’s tegenover het lagere salaris stond.
De vorderingen tot ontbinding van de SAR-overeenkomst wegens wanprestatie of vernietiging wegens dwaling worden afgewezen. De werknemer wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest is gewezen door het Gerechtshof Amsterdam op 18 februari 2014.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering tot schadevergoeding af wegens ontbreken van wanprestatie, dwaling of ongerechtvaardigde verrijking.