Uitspraak
mr. N.D. 't Zandte Amsterdam.
mr. G. Raapte Almere.
Gerechtshof Amsterdam
Partijen, ex-echtgenoten, zijn in 2001 gehuwd en gescheiden in 2013. Uit hun huwelijk zijn twee kinderen geboren in 2006 en 2009. De kinderen zijn aan de vrouw toegewezen met een omgangsregeling voor de man. De vrouw kreeg op 19 maart 2014 vervangende toestemming om met de kinderen naar Frankrijk te verhuizen, maar deze beschikking was niet uitvoerbaar bij voorraad. De vrouw vertrok kort daarna met de kinderen naar Frankrijk.
De man vorderde in kort geding dat de vrouw de beschikking nakomt en in Nederland blijft met de kinderen zolang het besluit niet onherroepelijk is, met dwangsom bij niet-nakoming. De voorzieningenrechter wees dit toe en wees het verzoek van de vrouw af om de beschikking uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
In hoger beroep heeft het hof het vonnis van de voorzieningenrechter vernietigd en de beschikking van 19 maart 2014 alsnog uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het hof stelde een voorlopige zorgregeling vast, mede op basis van een onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming, en legde een dwangsom op aan de vrouw bij niet-nakoming van deze regeling. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De beschikking tot verhuizing van de kinderen naar Frankrijk wordt alsnog uitvoerbaar bij voorraad verklaard met een voorlopige zorgregeling en dwangsom.