ECLI:NL:GHAMS:2014:6023
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ontslag curator en omzetting curatele in bewind en mentorschap
Appellant was sinds 1994 curator van betrokkene, die onder curatele stond wegens een geestelijke stoornis. De Stichting, waar betrokkene sinds 2009 verblijft, verzocht om het ontslag van appellant als curator en om omzetting van de curatele in bewind en mentorschap. De kantonrechter verleende dit, waarna appellant in hoger beroep ging.
Appellant voerde aan dat hij in het belang van betrokkene handelt en dat de Stichting geen goede administratie voert, wat leidt tot onnodige en onzorgvuldige voorstellen. Hij wilde als broer en curator kosteloos zorg bewaken en stelde dat alleen curatele voldoende bescherming biedt. De Stichting stelde dat appellant beslissingen en adviezen van deskundigen niet accepteert, de communicatie slecht is en dat bewind en mentorschap passend zijn.
Het hof oordeelde dat het vertrouwen van appellant in de Stichting ontbreekt en dat dit leidt tot conflicten en gebrekkige communicatie, wat de verzorging van betrokkene onder druk zet. Gezien betrokkene grotendeels binnen de instelling verblijft en niet zelfstandig kan deelnemen aan het maatschappelijk verkeer, is bewind en mentorschap passend. De benoeming van de door de Stichting voorgestelde bewindvoerder en mentor wordt bekrachtigd.
De kosten worden gecompenseerd en het hoger beroep wordt afgewezen. De beslissing van de kantonrechter wordt daarmee volledig bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het ontslag van appellant als curator en de omzetting van de curatele in bewind en mentorschap worden bekrachtigd.