Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.De feiten in beide zaken
3.Het geschil in hoger beroep
4.Beoordeling van het hoger beroep (in de zaak met zaaknummer 200.169.750/01)
perpetuatio fori). Slechts indien het latere verzoek leidt tot een geheel nieuwe procedure dient opnieuw een toets van de bevoegdheid en de aanhangigheid plaats te vinden. Daarvan is in het onderhavige geval geen sprake. Dat de aanvullend verzoeken van de man, in de woorden van de vrouw, een zelfstandig karakter hebben en ook in een afzonderlijke procedure gedaan hadden kunnen worden, maakt dit niet anders. Eventuele onvolkomenheden in de doorzending van het onderhavige aanvullende verzoek aan de vrouw hebben dus niet tot gevolg gehad dat dit verzoek niet aanhangig is gemaakt. Zowel de tweede als de vierde grief faalt.