ECLI:NL:GHAMS:2015:4566

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
3 juli 2015
Publicatiedatum
11 november 2015
Zaaknummer
23-005570-13
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens ontbreken bewijs openlijke geweldpleging in Amsterdam Arena

Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter betreffende openlijke geweldpleging tijdens de voetbalwedstrijd Ajax - Feyenoord op 18 augustus 2013 in de Amsterdam Arena.

De verdachte werd ervan beschuldigd samen met anderen geweld te hebben gepleegd tegen politie, beveiliging en stewards, waaronder duwen, trekken, schoppen, slaan en gooien met voorwerpen. De advocaat-generaal eiste een werkstraf van 60 uur, subsidiair 30 dagen hechtenis.

Het hof onderzocht de camerabeelden en concludeerde dat hoewel de verdachte geagiteerd aanwezig was en de groep relschoppers versterkte, er geen bewijs was dat hij daadwerkelijk geweld heeft gepleegd of bevorderd. Zijn gedrag was onvoldoende om een significante bijdrage aan het geweld te bewijzen.

Daarom vernietigde het hof het eerdere vonnis en sprak de verdachte vrij van de tenlastelegging. Dit arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 3 juli 2015.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van bewijs voor openlijke geweldpleging.

Uitspraak

parketnummer: 23-005570-13
datum uitspraak: 3 juli 2015
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 5 december 2013 in de strafzaak onder parketnummer 13-173773-13 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1992,
adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 19 juni 2015 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 18 augustus 2013 te Amsterdam met een ander of anderen, in de Amsterdam Arena (tijdens de voetbalwedstrijd Ajax - Feijenoord) openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een of meer politieambtenaren en/of beveiligingsbeambten en/of stewards, welk geweld bestond uit het duwen van die politieambtearen en/of beveiligingsbeambten en/of stewards en/of het trekken aan die politieambtenaren en/of beveiligingsbeambten en/of stewards en/of het schoppen en/of trappen en/of slaan en/of stompen in de richting van die politieambtenaren en/of beveiligingsbeambten en/of stewards en/of het gooien met bier en/of (andere) voorwerpen in de richting van die politieambtenaren en/of beveiligingsbeambten en/of stewards.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof op grond van enigszins andere overwegingen tot een vrijspraak komt.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 60 uur, subsidiair 30 dagen vervangende hechtenis.

Vrijspraak

De vraag die het hof heeft te beantwoorden is, of de verdachte door zijn gedragingen een significante of wezenlijke bijdrage aan het geweld tegen de politieambtenaren, beveiligingsbeambten en stewards heeft geleverd. Het hof beantwoordt die vraag ontkennend.
De verdachte heeft verklaard dat hij slechts wilde kijken naar wat er op de omloop van de Amsterdam Arena aan de hand was en dat hij op zoek was naar een aantal vrienden die hij was kwijtgeraakt. Het hof is van oordeel dat deze verklaring niet geheel strookt met de waarnemingen die ter terechtzitting in hoger beroep zijn gedaan bij het bekijken van de camerabeelden. Het hof heeft waargenomen dat de verdachte pregnant op de omloop aanwezig was en geagiteerd overkwam. De verdachte bevond zich in de voorste linie van de groep waarmee hij de groep relschoppers getalsmatig versterkte en daarmee de dreiging jegens de politieambtenaren, beveiligingsbeambten en stewards heeft vergroot. Desalniettemin is niet gebleken dat de verdachte door zijn gedragingen enig geweld heeft bevorderd. Op de camerabeelden heeft het hof geen geweldshandelingen van de zijde van de verdachte waargenomen en het gedrag van de verdachte acht het hof onvoldoende om te spreken van een significante of wezenlijke bijdrage aan geweld van anderen.
Het hof komt evenals de politierechter, maar anders dan de advocaat-generaal, op basis van deze overwegingen tot het oordeel dat niet bewezen is dat de verdachte in vereniging met een ander of anderen openlijk geweld heeft gepleegd tegen de politieambtenaren, beveiligingsbeambten en stewards. Het hof zal verdachte daarom, in navolging van de politierechter, vrijspreken van het hem ten laste gelegde feit.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. H.M.J. Quaedvlieg, mr. G.S. Crince Le Roy en mr. J.H. de Graaf, in tegenwoordigheid van mr. L.M. Schoutsen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 3 juli 2015.
mr. De Graaf is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[....]