ECLI:NL:GHAMS:2015:4616
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.G. Kemmers
- A.R. Sturhoofd
- M. Wigleven
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep gezag en omgang kinderen na ontvoering naar Egypte
Partijen zijn in 2010 gehuwd en hebben twee kinderen. De man nam zonder toestemming in november 2014 de kinderen mee naar Egypte, waar zij geruime tijd verbleven zonder contact met de vrouw. Na terugkeer in Nederland verblijven de kinderen bij de vrouw, die het eenhoofdig gezag heeft gekregen. De man stelde in hoger beroep het gezag en de hoofdverblijfplaats te willen wijzigen en verzocht om omgang met de kinderen.
De vrouw stelde dat de man haar jarenlang mishandeld heeft, de kinderen heeft ontvoerd en dat zij en de kinderen nog steeds in een onveilige situatie verkeren. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde het gezag bij de vrouw te laten en omgang te weigeren wegens het belang van de kinderen. Het hof oordeelde dat de man ernstig tegen de belangen van de kinderen heeft gehandeld, het vertrouwen is beschadigd en dat omgang nu niet veilig of wenselijk is.
Ook de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap werd behandeld. De man wilde dat de vrouw een deel van zijn studieschuld zou betalen, maar het hof oordeelde dat zij beide voor de helft aansprakelijk zijn en dat geen betaling op dit moment nodig is.
Het hof bekrachtigde het eenhoofdig gezag bij de vrouw, wees de verzoeken van de man af en verwierp het verzoek tot voorlopige voorziening voor omgang. De kinderen hebben rust en behandeling nodig, die nu niet mogelijk is door de situatie.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het eenhoofdig gezag bij de vrouw en wijst het verzoek van de man tot omgang en wijziging van gezag af wegens ontzeggingsgronden.