ECLI:NL:GHAMS:2015:4867
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Beklag ongegrond verklaard tegen teruggave van verbeurd verklaard geldbedrag
Op 6 oktober 2011 werd een klaagschrift ingediend door een klager gevestigd te Singapore, waarin werd verzocht om teruggave van een geldbedrag van €350.000 dat in beslag was genomen bij verdachte op 20 maart 2008 te Schiphol. De rechtbank Amsterdam had het geldbedrag op 18 juli 2008 verbeurd verklaard in de hoofdzaak, waartegen hoger beroep was ingesteld.
Tijdens de openbare behandeling op 20 november 2015 verscheen de advocaat van de klager niet meer gemachtigd en was de klager zelf niet aanwezig. De klager stelde dat zij redelijkerwijs als eigenaar van het geldbedrag kon worden aangemerkt en dat er geen strafvorderlijk belang was tegen teruggave. De advocaat-generaal adviseerde het klaagschrift ongegrond te verklaren.
Het hof oordeelde dat het niet onwaarschijnlijk is dat de strafrechter het geldbedrag zal verbeurd verklaren of onttrekken aan het verkeer, mede gelet op de nog niet onherroepelijke beslissing van het hof in de strafzaak. Daarom verzet het belang van strafvordering zich tegen teruggave, en werd het klaagschrift ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het klaagschrift tot teruggave van het geldbedrag wordt ongegrond verklaard vanwege het belang van strafvordering.