ECLI:NL:GHAMS:2015:5234
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging machtiging tot uithuisplaatsing kind wegens verslavingsproblematiek moeder
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de kinderrechter waarin een machtiging tot uithuisplaatsing van haar ongeboren kind is verleend. De moeder heeft een langdurige geschiedenis van harddrugsverslaving en is tijdens haar zwangerschap teruggevallen. Ondanks vrijwillige opname bij een klinische behandelgroep Ouder & Kind, acht het hof de machtiging noodzakelijk ter bescherming van het kind.
De moeder betoogt dat ambulante hulpverlening thuis voldoende is en dat de uithuisplaatsing onnodig is. De Raad voor de Kinderbescherming stelt dat de machtiging een noodzakelijke stok achter de deur is vanwege het risico op terugval en de ernst van de problematiek. Tijdens de zitting verklaart de moeder dat zij ontevreden is over de behandeling en liever thuis met ambulante hulp wil.
Het hof overweegt dat de positieve ontwikkelingen van de moeder nog pril zijn en dat de behandeling bij Brijder nog niet effectief is gestart. Gezien de kwetsbaarheid van het jonge kind en de voorgeschiedenis van de moeder, is het noodzakelijk dat de moeder haar behandeling succesvol afrondt voordat terugkeer naar huis kan worden overwogen. De machtiging tot uithuisplaatsing blijft daarom gerechtvaardigd en wordt bekrachtigd. Het verzoek tot schorsing van de beschikking wordt afgewezen.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing wordt bekrachtigd en het verzoek tot schorsing afgewezen.