ECLI:NL:GHAMS:2015:5794
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen schorsing voorlopige hechtenis wegens ernst van het feit
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland die het verzoek tot schorsing van zijn voorlopige hechtenis had afgewezen. De verdachte werd verdacht van een ernstig feit en verbleef in de huis van bewaring te Zwaag.
Het hof heeft de stukken en de gronden van de rechtbank bestudeerd en voegde een aanvullende grond toe op basis van artikel 67a, tweede lid, sub 3 Sv. Gezien de observatie van de politie waarbij de verdachte werd aangetroffen op het dak van een restaurant zonder dat hij hier een verklaring voor gaf, achtte het hof ernstige bezwaren aanwezig.
Verder oordeelde het hof dat vanwege de ernst van het feit en de justitiële documentatie van de verdachte de uitzondering van artikel 67a lid 3 Sv niet van toepassing is. Het ontbreken van een reclasseringsrapport met concrete schorsingsvoorwaarden maakte het onmogelijk om het recidivegevaar voldoende in te schatten. Daarom werd het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis afgewezen.
De advocaat-generaal bracht deze beschikking ter kennis van de verdachte. De beslissing werd genomen door de raadkamer van het hof op 29 april 2015.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de afwijzing van de schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen.