Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
.De inspecteur heeft een verweerschrift ingediend.
2.Feiten
3.Historie
4.Geschil in hoger beroep
5.Relevante wet- en regelgeving
— remmen op de voor- en achterwielen,
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de indeling van drie All Terrain Vehicles (ATV’s) onder GN-onderverdeling 8701 90 90, wat leidt tot een hogere douanetarief dan de eerdere indeling onder 8701 90 11 t/m 8701 90 39. De voertuigen beschikken niet over een aftakas, hydraulische hefinrichting of lier, kenmerken die volgens Verordening 1051/2009 bepalend zijn voor indeling onder de lagere tariefcodes.
De rechtbank Noord-Holland verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij het Gerechtshof Amsterdam. Het hof constateert dat de ATV’s technisch vergelijkbaar zijn met die in Verordening 1051/2009 en dat de inspecteur de verordening naar analogie toepast.
Belanghebbende betwist de geldigheid van Verordening 1051/2009, omdat deze leidt tot een tariefsprong en mogelijk de bevoegdheid van de Europese Commissie overschrijdt. Het hof overweegt dat het niet zelf bevoegd is deze geldigheid te toetsen en legt daarom prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie van de Europese Unie. Het geding wordt geschorst totdat het Hof van Justitie uitspraak doet.
Uitkomst: De procedure wordt geschorst en het geschil aangehouden in afwachting van prejudiciële uitspraak over de geldigheid van Verordening 1051/2009.