ECLI:NL:GHAMS:2016:1370
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing en schorsing voorlopige hechtenis wegens vluchtgevaar
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam, waarin het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis van verdachte werd afgewezen.
Het hof heeft de stukken bestudeerd en de advocaat-generaal en verdachte gehoord. Het hof bevestigt het oordeel van de rechtbank dat sprake is van vluchtgevaar. Dit vluchtgevaar betreft niet alleen het ontkomen aan berechting, maar ook het ontkomen aan een eventueel op te leggen vrijheidsstraf.
Gezien de mogelijkheid dat de straf minder dan vier maanden kan zijn, en daarmee geen Europees Aanhoudingsbevel kan worden uitgevaardigd, acht het hof het risico op ontvluchting reëel. Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis, onderbouwd met de mededeling dat verdachte bij zijn schoonmoeder kan verblijven, wordt afgewezen wegens gebrek aan bewijs.
De beschikking van het hof wijst het beroep en het verzoek tot schorsing af, waarmee de voorlopige hechtenis gehandhaafd blijft.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af vanwege gegrond vluchtgevaar en onvoldoende onderbouwing.