ECLI:NL:GHAMS:2016:2364
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.J. Driessen - Poortvliet
- C.G. Kleene-Eijk
- H.A. van den Berg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep verdeling huwelijkse voorwaarden en pensioenverevening met aandelenoverdracht
Partijen zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden zonder gemeenschap van goederen, met een beding tot jaarlijkse verrekening van overgespaard inkomen dat niet werd toegepast. Na beëindiging van de samenwoning en wijziging van de huwelijkse voorwaarden, ontstond een geschil over de verdeling van de gemeenschap van goederen en pensioenverevening.
De vrouw heeft pensioen in eigen beheer opgebouwd in een B.V. waarvan zij aandelen bezit, die aan de man worden toegedeeld. De man heeft geen afstortingsverplichting jegens de vrouw op grond van jurisprudentie, omdat de vrouw niet vereveningsgerechtigde is. De waardering van de aandelen en de lening tussen vennootschappen vormden een belangrijk discussiepunt, waarbij deskundige Boringa een voorziening voor oninbaarheid van een lening toepaste.
De vrouw voerde aan dat deze voorziening onterecht was en dat de waarde van de aandelen hoger moest worden vastgesteld. Het hof volgde echter de deskundige en oordeelde dat de voorziening terecht was. Ook de man stelde bezwaren tegen de waardering van een pand en de goodwill, die het hof grotendeels verwierp.
Het hof vernietigde het bestreden vonnis voor zover het de afwikkeling van een verzekeringspolis betrof en bepaalde dat de waardevermeerdering na de peildatum aan de vrouw toekomt. Voor het overige bekrachtigde het hof het vonnis. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof bepaalt dat de waardevermeerdering van de verzekeringspolis aan de vrouw toekomt en bekrachtigt de rest van de beschikking.