ECLI:NL:GHAMS:2016:2702
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schorsing voorlopige hechtenis wegens onvoldoende inperking recidivegevaar
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland, locatie Schiphol, waarin het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van verdachte werd afgewezen.
Het hof heeft de stukken bestudeerd en de advocaat-generaal en verdachte gehoord. Gelet op de ernst van de beschuldiging en het langdurige conflict tussen verdachte en zijn ex-partner over de kinderen, acht het hof het recidivegevaar onvoldoende te beperken door voorwaarden. Daarnaast ontbrak een concreet, met de reclassering afgestemd plan van aanpak.
Het hof concludeert dat verdachte niet heeft aangetoond dat hij zich aan eventuele voorwaarden kan houden. Daarom wijst het hof het beroep tegen de afwijzing van de schorsing van de voorlopige hechtenis af.
De beschikking is gegeven op 6 juli 2016 door de raadkamer van het hof, bestaande uit voorzitter M.J.G.B. Heutink en raadsheren J.L. Bruinsma en T. de Bont.
Uitkomst: Het hof wijst het beroep tegen de afwijzing van de schorsing van de voorlopige hechtenis af wegens onvoldoende inperking van het recidivegevaar.