ECLI:NL:GHAMS:2016:3651
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aandelenleaseovereenkomsten wegens verjaring niet toegewezen
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de ex-echtgenote van appellant de aandelenleaseovereenkomsten met Dexia Nederland B.V. rechtsgeldig kon vernietigen wegens het ontbreken van haar schriftelijke toestemming. De rechtbank had de vernietiging afgewezen op grond van verjaring. Het hof nam de feiten van de rechtbank over en beoordeelde de zaak in hoger beroep.
Het hof oordeelde dat de leaseovereenkomsten als koop op afbetaling (huurkoop) kwalificeren en dat de ex-echtgenote op grond van de wet het recht had deze te vernietigen indien zij geen toestemming had gegeven. Echter, de vordering tot vernietiging verjaart drie jaar na het moment waarop de ex-echtgenote bekend was met de overeenkomst. Dexia stelde dat zij eerder dan drie jaar voor de vernietigingsbrief op de hoogte was, wat het hof aannam op basis van bewijsvermoeden door betalingen vanaf een privérekening van de ex-echtgenote.
Appellant kon dit bewijsvermoeden niet ontzenuwen, ondanks getuigenverklaringen. Het hof concludeerde dat de ex-echtgenote dus tijdig kennis had van de overeenkomsten en dat de vernietigingsvordering was verjaard. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd vanwege verjaring van de vernietigingsvordering.