Appellante verzocht het Gerechtshof Amsterdam om de geboorteakte van haar zoon te wijzigen door de geslachtsnaam te wijzigen in die van de biologische vader en diens gegevens op te nemen. De zoon is in Nederland geboren, maar verblijft sinds 2004 in China. De biologische vader en de zoon hebben de Chinese nationaliteit, waardoor Chinees recht van toepassing is op erkenning en naamgeving.
De rechtbank had het verzoek grotendeels afgewezen omdat geen bewijs was geleverd van een juridische erkenning van het vaderschap volgens Chinees recht. Appellante stelde dat het Chinese recht geen erkenning kent zoals in Nederland, maar dat de familierechtelijke band was vastgelegd via een notariële akte en een verklaring van het Public Security Bureau.
Het hof oordeelde dat appellante onvoldoende bewijs had geleverd dat de ouders ten tijde van de geboorte hadden gekozen voor de geslachtsnaam van de vader. De aangifte in Nederland vermeldde immers haar eigen achternaam. Ook bleek uit het Chinese hukou-boekje dat de zoon niet bij de vader geregistreerd staat. Het hof stelde dat wijziging van de geboorteakte alleen mogelijk is bij vaststelling van een familierechtelijke betrekking volgens het toepasselijke recht, en dat de belangen van de minderjarige onvoldoende waren onderbouwd.
Daarom wees het hof het verzoek tot wijziging van de geboorteakte af. De beslissing werd op 11 oktober 2016 uitgesproken door het Gerechtshof Amsterdam.