ECLI:NL:GHAMS:2016:4351

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
28 september 2016
Publicatiedatum
8 november 2016
Zaaknummer
23-002025-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 404 Wetboek van StrafvorderingArt. 90 ter Wetboek van StrafrechtArtikel 3a Opiumwet
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs hennepplantage en stroomdiefstal

Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam waarin verdachte was vrijgesproken van het telen van hennep en aanverwante feiten. De zaak betrof onder meer het telen van hennepplanten, stroomdiefstal en vernieling van elektriciteitswerken in een pand te Amsterdam.

De verdachte was in eerste aanleg vrijgesproken, maar het openbaar ministerie ging in hoger beroep. Het hof oordeelde dat het hoger beroep niet ontvankelijk was voor het deel dat betrekking had op de eerdere vrijspraak in een andere zaak, vanwege artikel 404, vijfde lid, Sv. Na onderzoek van het dossier en de behandeling ter terechtzitting concludeerde het hof dat het bewijs onvoldoende was om de tenlasteleggingen wettig en overtuigend vast te stellen.

Hoewel er belastende verklaringen van een getuige waren, ontbrak voldoende steunbewijs. Hierdoor sprak het hof de verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. Tevens wees het hof de vordering van het openbaar ministerie tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf af.

Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 28 september 2016.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van hennepteelt, stroomdiefstal en vernieling.

Uitspraak

parketnummer: 23-002025-15
datum uitspraak: 28 september 2016
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 29 april 2015 in gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-698399-13 (zaak A) en 13-706713-14 (zaak B), alsmede 22-003113-11 (TUL) tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1983,
adres: [adres 1] .

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

De verdachte is door de rechtbank Amsterdam vrijgesproken van hetgeen aan hem in de zaak met parketnummer 13-706713-14 (zaak B) is ten laste gelegd. Het hoger beroep is door de verdachte onbeperkt ingesteld en is derhalve mede gericht tegen de in eerste aanleg gegeven beslissing tot vrijspraak. Gelet op hetgeen is bepaald in artikel 404, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering staat voor de verdachte tegen deze beslissing geen hoger beroep open. Het hof zal de verdachte mitsdien niet-ontvankelijk verklaren in het ingestelde hoger beroep, voor zover dat is gericht tegen de in het vonnis waarvan beroep gegeven vrijspraak.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
14 september 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlasteleggingen

Aan de verdachte is – voor zover aan de orde in hoger beroep – ten laste gelegd dat:
Zaak met parketnummer 13-698399-13 (zaak A):
1:
hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2013 tot en met 4 april 2013 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander(en), althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft/hebben geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft/hebben gehad (in een pand aan de [adres 2] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 5 hennepplanten en/of 881 moederhennepplanten en/of 13840 hennepstekken, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
2:
hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2013 tot en met 4 april 2013 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in/uit een energie-installatie heeft/hebben weggenomen een hoeveelheid stroom/energie ter waarde van (ongeveer) 25.772,36 euro, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Liander, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak/verbreking van een zegel/de verzegeling van voornoemde energie-installatie;
3:
hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2013 tot en met 04 april 2013 2013 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, (telkens) opzettelijk enig elektriciteitswerk, als bedoeld in artikel 90 ter Pro onder 1 van het Wetboek van Strafrecht, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Liander, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), heeft/hebben vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt en/of stoornis in de gang of in de werking van voornoemd elektriciteitswerk heeft/hebben veroorzaakt, terwijl daardoor gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar voor een ander of anderen is of kon ontstaan, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) in de woning gelegen aan de [adres 2] - de zegel(s) van de hoofdaansluiting (van de elektriciteitsinstallatie) verbroken en/of (vervolgens) - het deksel van die aansluitkast verwijderd en/of (vervolgens) - een illegale/valse elektriciteitsaansluiting (ten behoeve van een aldaar aanwezige hennepkwekerij) gemaakt/geïnstalleerd en/of (vervolgens) - die elektriciteitsaansluiting van (g)een (ondeugdelijke) beveiliging voorzien.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing komt dan de rechtbank.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft betoogd dat het ten laste gelegde bewezen kan worden verklaard en gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd.

Vrijspraak

Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte in de zaak met parketnummer 13-698399-13 onder 1, 2 en 3 is ten laste gelegd. Het dossier bevat verklaringen van [getuige] die belastend zijn voor de verdachte, maar overigens is in het dossier onvoldoende steunbewijs aanwezig om tot een bewezenverklaring te kunnen komen. Gelet hierop dient de verdachte te worden vrijgesproken van het hem ten laste gelegde.

Vordering tenuitvoerlegging

Het openbaar ministerie heeft de tenuitvoerlegging van de bij arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 11 oktober 2012 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van één maand voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren gevorderd. Deze vordering is in hoger beroep opnieuw aan de orde.
Nu de verdachte zal worden vrijgesproken van het tenlastegelegde zal de vordering tot tenuitvoerlegging worden afgewezen.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep, voor zover gericht tegen de beslissing ter zake van het in de zaak met parketnummer 13-706713-14 ten laste gelegde.
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 13-698399-13 onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Wijst afde vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Amsterdam van 12 augustus 2013, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 11 oktober 2012, parketnummer 22-003113-11, voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. F.A. Hartsuiker, mr. W.M.C. Tilleman en mr. N.R.A. Meerbeek, in tegenwoordigheid van mr. L.J.M. Klop, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
28 september 2016.
Mr. F.A. Hartsuiker is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[.]