ECLI:NL:GHAMS:2016:4371
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- M.J.G.B. Heutink
- J.L. Bruinsma
- N.N. Kirkels-Vrijman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schorsingsverzoek voorlopige hechtenis wegens medische behandeling Hepatitis C
De verdachte, veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor medeplegen van diefstal met geweld, verzocht het Gerechtshof Amsterdam om schorsing van zijn voorlopige hechtenis vanwege onvoldoende medische behandeling van zijn Hepatitis C in de penitentiaire inrichting.
De raadsman stelde dat ondanks een uitspraak van de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming waarin werd geoordeeld dat de inrichtingsarts in strijd met de norm handelde, de behandeling nog niet was gestart. De advocaat-generaal verzette zich tegen het verzoek.
Het hof nam kennis van een gemaakte afspraak met een specialist die niet doorging vanwege een zitting van de verdachte en concludeerde dat er geen aanwijzingen waren dat de penitentiaire inrichting de medische zorg niet zou voortzetten. Ook ontbrak bewijs voor een acute medische noodzaak of een onderbouwd alternatief in Rusland.
Daarom wees het hof het schorsingsverzoek af en stelde dat de verdachte bij uitblijven van behandeling opnieuw gebruik kan maken van de wettelijke mogelijkheden binnen het penitentiair recht.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen wegens voldoende medische zorg en ontbreken van acute noodzaak.