ECLI:NL:GHAMS:2016:4530
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep en afwijzing verzoek opheffing voorlopige hechtenis verdachte
Het Gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen de beslissing van de rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar, die het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis had afgewezen en de plaatsing van verdachte in het Forensisch Centrum Teylingereind (ForCa) had bevolen.
Het hof verklaarde verdachte niet-ontvankelijk voor zover het hoger beroep gericht was tegen andere beslissingen dan de afwijzing van het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis, omdat de wet daarin niet voorziet. Het hof oordeelde dat dit niet in strijd is met verdragsrechtelijke bepalingen.
Op basis van het dossier, waaronder een NFI-rapport van 7 januari 2016, concludeerde het hof dat er voldoende ernstige bezwaren bestaan tegen verdachte voor het ten laste gelegde feit. Het tijdsverloop sinds het feit en de aanhouding leidt niet tot het vervallen van de geschokte rechtsorde. Gezien mogelijke psychische en gedragsproblematiek van verdachte, waarvoor een rapportage wordt opgesteld, acht het hof het aannemelijk dat verdachte een misdrijf kan plegen dat de gezondheid of veiligheid van personen in gevaar brengt.
De plaatsing in ForCa voor observatie blijft daarom gerechtvaardigd. Er is geen grond voor schorsing van de voorlopige hechtenis. Het hoger beroep wordt afgewezen en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk voor overige beslissingen en het verzoek tot opheffing en schorsing van voorlopige hechtenis wordt afgewezen.