ECLI:NL:GHAMS:2016:4612
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.G. Kleene-Eijk
- A.R. Sturhoofd
- H.A. van den Berg
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en alimentatie na echtscheiding met discussie over bruidsschat
Partijen zijn in 2013 gehuwd en hun huwelijk is in 2015 ontbonden. De vrouw kwam in hoger beroep tegen een beschikking over alimentatie en verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap, met name over de toedeling van de bruidsschat bestaande uit goud en sieraden.
Het hof oordeelde dat de bruidsschat niet buiten de gemeenschap viel omdat er geen geldige overeenkomst of uitsluitingsclausule was aangetoond. De vrouw kon onvoldoende bewijzen dat de sieraden en het goud vóór de peildatum waren verkocht, en daarom behoren deze tot de gemeenschap en dienen zij verdeeld te worden. De waarde van het goud en de sieraden werd vastgesteld op circa € 25.000,-, waarbij de vrouw de sieraden onder zich houdt en de man recht heeft op de helft van de waarde.
Ten aanzien van de alimentatie werd vastgesteld dat de man vanaf 1 april 2016 geen draagkracht meer heeft vanwege een uitkering op grond van de Participatiewet, waarna de alimentatie op nihil werd gesteld. Verder werd de man verplicht inzage te geven in zijn bankrekeningen per peildatum met een dwangsom bij weigering. Verzoeken tot terugbetaling van door de man geïncasseerde bedragen en verrekening van kosten werden afgewezen of gematigd.
De overige punten van de beschikking van de rechtbank werden bekrachtigd, en de proceskosten werden gecompenseerd zonder veroordeling van de man.
Uitkomst: De bruidsschat behoort tot de huwelijksgoederengemeenschap en de alimentatie van de man wordt per 1 april 2016 op nihil gesteld.