In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd en de verdachte veroordeeld voor poging tot diefstal. De verdachte werd op 3 augustus 2014 aangetroffen in de kruipruimte van een pand op het terrein van een zorginstelling te Cruquius, waar koperen leidingen en kabels waren verzameld om meegenomen te worden.
De verdediging voerde aan dat niet vaststaat dat verdachte de poging tot diefstal heeft gepleegd, maar het hof oordeelde dat de verdachte wettig en overtuigend schuldig is. Dit bleek uit zijn aanwezigheid op de plaats delict, het klaarleggen van de leidingen en zijn eigen verklaring dat hij de koperen buizen kon verkopen, wat het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening bevestigt.
Het hof hield rekening met eerdere veroordelingen van de verdachte voor vermogensdelicten en legde een gevangenisstraf van 21 dagen op, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. De straf is gebaseerd op de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.