ECLI:NL:GHAMS:2016:5465
Gerechtshof Amsterdam
- Tussenbeschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep gezag, omgang en bijzondere curator na verwijzing door Hoge Raad
De zaak betreft een hoger beroep na vernietiging door de Hoge Raad van eerdere beschikkingen over gezag, omgang en benoeming van een bijzondere curator voor een minderjarige. De biologische vader, appellant, verzoekt herstel van het ouderlijk gezag, wijziging van de hoofdverblijfplaats en een omgangsregeling. De voogdij is sinds 2011 aan Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond (JRR) toegewezen. De moeder van de minderjarige is overleden.
De vader en de minderjarige hadden tot 2011 regelmatig contact, maar sindsdien is het contact vrijwel gestopt. De vader is strafrechtelijk veroordeeld voor stalking en smaad jegens pleegouders en voogd. Tijdens de zitting verklaarde de minderjarige voorlopig geen contact met zijn vader te willen vanwege de onrust die de vader veroorzaakt.
Het hof constateert dat de vader een lange juridische strijd voert, maar nu een meer constructieve houding aanneemt en bereid is lopende procedures in te trekken. Het hof acht een deskundigenonderzoek noodzakelijk om het draagvlak en de voorwaarden voor hervatting van contact tussen vader en minderjarige te onderzoeken. Partijen krijgen gelegenheid te reageren op dit voornemen, waarna het hof verdere beslissing zal nemen.
Uitkomst: Het hof gelast een deskundigenonderzoek en houdt verdere beslissing aan.