Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
(waarmee kennelijk, gezien de inhoud van de grief, wordt gedoeld op sub i, hof),sub k en sub n, waartegen de
grieven 1 t/m 4zijn gericht. De grieven 1, 2 en 3 komen er in de kern op neer dat de weergave van deze feiten niet volledig is. Deze grieven treffen doel in zoverre dat door de wat korte weergave van deze feiten de nuance wordt gemist van de door partijen daarbij gemaakte kanttekeningen of de context waarin iets is aangevoerd. Het hof zal zich van een en ander bij de omschrijving van de feiten hierna onder 2.2. rekenschap geven.
“ [titel] ”.
(…)
(…)
(..)
(…)”
Please send me your comments about this version, so I can send all the information to [A] in just one message.
“(…)
dat vind ik niet okee zolang de definitieve versie niet online is!
(…)”
(de e-mail van 6 januari, hof) waarin jij aangeeft dat de beelden vanaf 2.23 veranderd moeten worden. De scene blijft behouden.
The video URL that you have provided has not been removed bu YouTube by a copyright infringement claim. It is therefore ineligible for retraction.
(…)”
3.Beoordeling
[titel]met daarin, althans in de 18+ versie daarvan, naaktbeelden die zijn gemaakt van [appellante] op 11 november 2012 mag verveelvoudigen en openbaar maken, meer in het bijzonder of [appellante] door mee te werken aan deze filmopnamen haar rechten als uitvoerende kunstenaar ter zake (al dan niet stilzwijgend) aan [geïntimeerde] heeft overgedragen.
[titel];
[titel]wordt opgeheven, op verbeurte van een dwangsom van € 500,-- voor iedere dag of dagdeel dat [appellante] hiermee in gebreke blijft;
[titel]zonder schriftelijke toestemming van [appellante] openbaar te maken of te laten openbaar maken, te verspreiden of te laten verspreiden of te exploiteren of te laten exploiteren, op straffe van een dwangsom van € 500,-- per gebleken overtreding, met veroordeling van [geïntimeerde] in de kosten van de procedure.
grief 5betoogt [appellante] dat de kantonrechter een onjuiste motivering heeft gegeven van zijn bevoegdheid omdat - anders dan in het vonnis is overwogen - niet vaststaat dat de vorderingen van onbepaalde waarde geen hogere waarde vertegenwoordigen dan € 25.000,00. Deze grief wordt bij gebreke van belang verworpen. Zoals ook door [appellante] wordt onderkend in de toelichting bij deze grief, kon de kantonrechter in ieder geval zijn bevoegdheid ontlenen aan artikel 96 Rv Pro en heeft een en ander geen consequenties voor de ontvankelijkheid in hoger beroep, nu [appellante] tijdens de in eerste aanleg gehouden comparitie te kennen heeft gegeven geen bezwaar te hebben tegen behandeling door de kantonrechter en zij zich daarbij overeenkomstig artikel 333 Rv Pro het recht van hoger beroep heeft voorbehouden.
grief 6stelt [appellante] dat de kantonrechter artikel 45d Aw verkeerd heeft uitgelegd, omdat, in de woorden van [appellante] , de strekking van artikel 45d Aw niet zover gaat dat indien men zich schuldig maakt aan bedrog en/of wanprestatie en/of onrechtmatig handelen door zich niet aan de afspraken te houden en daarmee de wederpartij misleidt, men een vrijbrief heeft met artikel 45d Aw in de hand.
grieven 7, 8, 11, 12 en 13keert [appellante] zich tegen de uitleg door de kantonrechter van de tussen partijen gemaakte afspraken, als hiervoor weergegeven onder 3.3. en 3.7.1.
Grief 15komt op tegen het niet toekennen van enig belang daarbij aan de in het geding gebrachte schriftelijke verklaringen.
4.Beslissing
uiterlijk op 24 januari 2017 schriftelijk en onder opgave van de verhinderdata van partijen, hun advocaten en de door hen voor te brengen getuigen in de periode van maart 2017 tot en met september 2017 aan het (enquêtebureau van het) hof dient te verzoeken een datum te bepalen.