ECLI:NL:GHAMS:2016:5639
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Nietigheid dagvaarding in hoger beroep wegens onjuiste betekening
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 7 november 2016 uitspraak gedaan over de geldigheid van de dagvaarding in hoger beroep. De dagvaarding was op 28 september 2016 aangeboden aan een adres waar de verdachte niet verbleef. Hoewel de dagvaarding later ter griffie werd uitgereikt en een afschrift naar dat adres werd gestuurd, was de verdachte daar niet meer ingeschreven en was niet gebleken dat de dagvaarding op het juiste adres was betekend.
De verdachte had tijdens een politieverhoor een ander adres opgegeven, maar er was geen poging gedaan om de dagvaarding daar te betekenen. Ondanks dat de verdachte afstand had gedaan van zijn recht om bij de behandeling aanwezig te zijn, kon het hof niet vaststellen dat deze afstandsverklaring betrekking had op deze strafzaak.
Het hof oordeelde daarom dat de dagvaarding in hoger beroep nietig was wegens gebrekkige betekening. Dit leidde tot de verklaring van nietigheid van de dagvaarding, waarmee het hoger beroep niet ontvankelijk werd verklaard.
Uitkomst: De dagvaarding in hoger beroep is nietig verklaard vanwege onjuiste betekening, waardoor het hoger beroep niet ontvankelijk is.