ECLI:NL:GHAMS:2017:1226
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs witwassen contant geld Schiphol
De verdachte werd beschuldigd van witwassen van een bedrag van circa €15.115,- dat hij op 9 februari 2011 bij zich had op Schiphol zonder dit aan te geven. De rechtbank had hem eerder veroordeeld, maar het hof vernietigde dit vonnis in hoger beroep.
Tijdens het onderzoek verklaarde de verdachte dat het geld afkomstig was uit legale bronnen, waaronder inkomsten uit een hotel en autohandel in het buitenland, en dat een deel van het geld door een vriend namens hem was overgebracht. Diverse getuigenverklaringen en stukken ondersteunden deze verklaringen.
Hoewel het feit dat de verdachte het geld niet had aangegeven en het bedrag contant bij zich droeg een vermoeden van witwassen rechtvaardigde, oordeelde het hof dat de verklaringen en stukken voldoende waren om niet met zekerheid aan te nemen dat het geld uit een misdrijf afkomstig was. Daarom sprak het hof de verdachte vrij wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat het geld afkomstig was uit enig misdrijf.