ECLI:NL:GHAMS:2017:1290
Gerechtshof Amsterdam
- Rekestprocedure
- Leenaers
- Röttgering
- Dalebout
- Rechtspraak.nl
Toewijzing schadevergoeding aan overleden verzoeker zonder verrekening met openstaande boetes
De zaak betreft een verzoek tot schadevergoeding en vergoeding van kosten van een overleden verzoeker, voortvloeiend uit een strafzaak die zonder strafoplegging werd beëindigd. De rechtbank had het verzoek toegewezen maar het toegekende bedrag verrekend met openstaande geldboetes en strafbeschikkingen. Tijdens het hoger beroep bleek dat de verzoeker was overleden, waarna het hof de advocaat-generaal en de erfgenamen heeft gehoord.
Het hof overwoog dat op grond van artikel 90 lid 3 Sv Pro verrekening van toegekende schadevergoeding met openstaande boetes verplicht is, mits die nog niet voldaan zijn. Echter, het CJIB voert geen executie meer uit van openstaande boetes na overlijden, waardoor verrekening niet meer mogelijk is. Tevens stelde het hof vast dat de rechtbank de verrekening baseerde op een overzicht van het CJIB dat niet aan de verzoeker of zijn advocaat was voorgelegd, wat in strijd is met de procesorde en leidt tot nietigheid van de beschikking.
Het hof verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de beschikking van de rechtbank en wees het verzoek toe tot een bedrag van €105 zonder verrekening. Het hof beval tevens de onverwijlde betekening van de beschikking aan de erfgenamen en de betaling van het bedrag ten laste van de Staat.
Deze uitspraak benadrukt het belang van het hoor en wederhoor en correcte procesorde bij verrekening van schadevergoedingen en bevestigt dat openstaande boetes na overlijden niet meer worden geïnd.
Uitkomst: Het hof wijst de schadevergoeding van €105 toe aan de erfgenamen zonder verrekening met openstaande boetes vanwege het overlijden van de verzoeker.