ECLI:NL:GHAMS:2017:171

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
25 januari 2017
Publicatiedatum
26 januari 2017
Zaaknummer
23-002951-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 63 SrArt. 422 Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging vonnis politierechter zonder aanhouding behandeling andere zaak

In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 25 januari 2017 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter van 10 juli 2015. De verdachte, geboren in 1974, was in eerste aanleg veroordeeld en stelde hoger beroep in tegen dit vonnis.

Tijdens de behandeling van het hoger beroep op 11 januari 2017 heeft de raadsman van de verdachte verzocht om aanhouding van de behandeling tot 22 februari 2017, zodat de zaak gelijktijdig met een andere strafzaak kon worden behandeld. Het hof heeft dit verzoek afgewezen omdat er geen aanleiding was om de behandeling uit te stellen.

De advocaat-generaal vorderde bevestiging van de opgelegde straf. Het hof heeft zich verenigd met het vonnis van de politierechter en dit bevestigd, met toevoeging van artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht aan de toepasselijke wettelijke artikelen. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt het vonnis van de politierechter en wijst het verzoek tot aanhouding af.

Uitspraak

parketnummer: 23-002951-15
datum uitspraak: 25 januari 2017
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 10 juli 2015 in de strafzaak onder de parketnummers 13-702293-15 en 13-701503-14 (TUL) tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Suriname) op [geboortedag] 1974,
adres: [adres],
thans uit anderen hoofde gedetineerd in Penitentiaire Inrichting Zaanstad te Westzaan.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 11 januari 2017 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Tegen voormeld vonnis is door de verdachte hoger beroep ingesteld.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg is opgelegd.

Beslissing op een ter terechtzitting in hoger beroep gedaan verzoek

In hetgeen de raadsman heeft aangevoerd ziet het hof geen aanleiding tot toewijzing van diens verzoek om aanhouding van de behandeling van de onderhavige strafzaak tot 22 februari 2017 om deze op genoemde datum gelijktijdig te kunnen behandelen met de thans eveneens bij het hof aanhangige strafzaak (parketnummer 23-004728-16) waarbij aan de verdachte in eerste aanleg de maatregel plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van twee jaren is opgelegd.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht toevoegt aan de toepasselijke wettelijke artikelen.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. R. Kuiper, mr. A.M. van Woensel en mr. M. Gonggrijp-van Mourik, in tegenwoordigheid van mr. A.M. van Tilburg, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 25 januari 2017.
De jongste raadsheer is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
[..........]