ECLI:NL:GHAMS:2017:2020
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- J. Jonkers
- G.B.C.M. van der Reep
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Bewindvoerder schiet tekort in zorgvuldigheidsplicht en loon nihil gesteld
In deze civiele zaak stond de zorgvuldigheidsplicht van een bewindvoerder centraal. De bewindvoerder was benoemd voor het bewind over het vermogen van [X]. Na het overlijden van [X] en diens partner ontstond onduidelijkheid over de wijze waarop de bewindvoerder contant geld had beheerd en over de gemaakte kosten.
De kantonrechter had vastgesteld dat de bewindvoerder tekort was geschoten en stelde zijn bewindvoerdersloon over de periode van 25 juni 2014 tot 3 juli 2015 op nihil. Tevens werd hij veroordeeld tot terugbetaling van bedragen aan de erven. De bewindvoerder ging hiertegen in hoger beroep.
Het hof bevestigde dat het nalaten van de bewindvoerder om contant geld direct te tellen en te storten onzorgvuldig was en dat dit ernstige tekortkomingen opleverde. Hierdoor werd het loon over de genoemde periode op nihil gesteld en moest het reeds ontvangen loon worden terugbetaald. De bewindvoerder slaagde echter wel in het onderbouwen van de verplegingskosten van €16.342,61, waardoor die veroordeling werd vernietigd. Andere griefpunten, zoals de bijdrage in woonlasten en advocaatkosten, werden afgewezen.
De beslissing van het hof bevestigt de zorgvuldigheidsplicht van bewindvoerders en benadrukt het belang van transparantie en verantwoording bij het beheer van vermogen onder bewind.
Uitkomst: Bewindvoerder is ernstig tekortgeschoten, loon over periode nihil gesteld, maar verplegingskosten worden toegewezen.