ECLI:NL:GHAMS:2017:2300
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verlenging machtiging uithuisplaatsing en omgangsregeling kinderen uit één gezin
De zaak betreft een hoger beroep over de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van drie minderjarige kinderen uit één gezin en de omgangsregeling met het jongste kind. De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Regio Amsterdam (GI) verzocht om verlenging van de uithuisplaatsing van het jongste kind en vernietiging van de omgangsregeling die de kinderrechter had vastgesteld. De moeder stelde dat de positieve ontwikkelingen bij de ouders een terugplaatsing mogelijk maken.
Het hof overwoog dat het belang van de kinderen gebaat is bij het bij elkaar blijven en een zorgvuldige voorbereiding van terugplaatsing met passende hulpverlening. Gezien het verleden en de kwetsbaarheid van de kinderen achtte het hof een korte verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing tot 1 augustus 2017 noodzakelijk. De omgangsregeling tussen het jongste kind en de ouders was door de kinderrechter ambtshalve uitgebreid zonder verzoek, wat het hof vernietigde wegens onbevoegdheid.
De moeder werd ontvankelijk verklaard in haar incidenteel hoger beroep, ondanks dat dit niet tijdig was ingediend, omdat het belang van de kinderen en de volledigheid van de beoordeling dit vereisten. Het verzoek tot schorsing van de uitvoerbaarheid van de omgangsregeling werd afgewezen omdat het belang van de GI was komen te vervallen. Het hof benadrukte het belang van een stabiele en duidelijke situatie voor de kinderen en een goede samenwerking tussen ouders, GI en hulpverleners.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing van de drie kinderen wordt verlengd tot 1 augustus 2017 en de uitbreiding van de omgangsregeling met het jongste kind wordt vernietigd.