ECLI:NL:GHAMS:2017:2486
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voortzetting voorlopige hechtenis wegens ernstige bezwaren
Het Gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van de verdachte tegen de beslissing van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, die het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis had afgewezen. Het hof heeft de stukken en de gronden van de rechtbank zorgvuldig bestudeerd en de advocaat-generaal en verdachte gehoord.
Het hof sluit zich aan bij de overwegingen van de rechtbank dat er voldoende ernstige bezwaren zijn om de voorlopige hechtenis te continueren. Er is geen sprake van een situatie waarin het dossier evident onvoldoende of ondeugdelijk bewijs bevat. Sinds de vorige beschikking van het hof op 4 januari 2017 is er geen wijziging in de omstandigheden ten gunste van de verdachte opgetreden.
Het hof overweegt tevens dat de gronden voor de voorlopige hechtenis onverminderd van kracht zijn en dat geen omstandigheid als bedoeld in artikel 67a, derde lid, Sv zich voordoet. Het verzoek van de verdachte tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen vanwege het ernstige karakter van het feit en het ontbreken van bijzondere persoonlijke omstandigheden.
De beschikking van het hof bevestigt daarmee de voortzetting van de voorlopige hechtenis en wijst het hoger beroep en het verzoek tot schorsing af.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af, waardoor de voorlopige hechtenis wordt voortgezet.