ECLI:NL:GHAMS:2017:3114
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs wederrechtelijke toe-eigening wijn in supermarkt
Op 7 augustus 2016 werd verdachte beticht van diefstal van een fles wijn uit een Albert Heijn supermarkt te Amsterdam. Volgens de tenlastelegging zou verdachte de wijn met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen.
Tijdens het hoger beroep, gehouden op 17 juli 2017, voerde de raadsvrouw namens verdachte aan dat niet bewezen kon worden dat verdachte de intentie had de wijn niet te betalen, aangezien hij zich in de rij voor de kassa bevond met de fles zichtbaar in zijn hand.
Het hof constateerde dat het dossier onvolledig was doordat de kassabon grotendeels onleesbaar was, waardoor essentiële bewijsstukken ontbraken. Gezien het feit dat verdachte de fles open had gemaakt en daaruit had gedronken, maar zich nog in de rij voor de kassa bevond, kon niet worden uitgesloten dat hij de wijn wilde afrekenen.
Daarom oordeelde het hof dat het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening niet bewezen kon worden en sprak verdachte vrij. Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht door vrijspraak uit te spreken.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van wederrechtelijke toe-eigening van wijn.