ECLI:NL:GHAMS:2017:336
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Openbaar ministerie niet ontvankelijk wegens ne bis in idem bij besturen zonder geldig rijbewijs
De verdachte werd vervolgd voor het besturen van een personenauto terwijl zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Eerder was hij al vervolgd en vrijgesproken voor het besturen van een auto terwijl zijn rijbewijs was ingevorderd of ingeleverd.
De raadsvrouw voerde aan dat het ne bis in idem-beginsel van toepassing was omdat het om hetzelfde feitencomplex ging. Het openbaar ministerie stelde dat het om verschillende feiten ging, omdat de eerdere zaak betrekking had op het niet inleveren van het rijbewijs en de huidige op het ongeldig verklaard zijn.
Het hof oordeelde dat beide vervolgingen voortvloeiden uit dezelfde controle en dat de gedragingen wezenlijk samenhingen, waardoor sprake was van hetzelfde feit in de zin van artikel 68 Wetboek Pro van Strafrecht. Daarom verklaarde het hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging.
Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht door het openbaar ministerie niet-ontvankelijk te verklaren.
Uitkomst: Het openbaar ministerie is niet-ontvankelijk verklaard wegens schending van het ne bis in idem-beginsel.