ECLI:NL:GHAMS:2017:3423
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen schorsing overleveringsdetentie wegens ontbreken humanitaire gronden
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam waarin het verzoek tot schorsing van de overleveringsdetentie van de opgeëiste persoon werd afgewezen.
De opgeëiste persoon, zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland en verblijvend in een huis van bewaring, had via zijn raadsman een beroep gedaan op humanitaire gronden zoals bedoeld in artikel 23 lid 4 van Pro het kaderbesluit van de Raad van 13 juni 2002 en artikel 35 lid 3 van Pro de Overleveringswet.
Na kennisname van de stukken en het horen van de advocaat-generaal en de raadsman, heeft het hof zich aangesloten bij de gronden van de rechtbank en geoordeeld dat er geen sprake is van humanitaire gronden die een schorsing van de overleveringsdetentie rechtvaardigen.
Daarom is het beroep afgewezen en is de beschikking van de rechtbank in stand gebleven.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot schorsing van overleveringsdetentie wordt afgewezen.