ECLI:NL:GHAMS:2017:3860
Gerechtshof Amsterdam
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding voor rechtsbijstand na niet-ontvankelijkverklaring OM
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toekenning van een vergoeding van €550,- uit ’s Rijks kas voor kosten van rechtsbijstand in verband met een procedure op grond van artikel 591a Sv en een gelijktijdig ingediend verzoek op grond van artikel 89 Sv Pro.
Het hof heeft op 1 juni 2016 het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van verzoekster. Hoewel het OM voornemens is een nieuwe dagvaarding uit te doen, oordeelt het hof dat de strafzaak als beëindigd moet worden beschouwd op grond van vaste jurisprudentie en artikel 89 Sv Pro.
De voorzitter van de meervoudige strafkamer heeft na raadkamerzitting op 15 september 2017 het verzoek tot vergoeding toegewezen, omdat de zaak onherroepelijk is geëindigd en er billijkheidsgronden zijn voor vergoeding. De vergoeding wordt uit ’s Rijks kas betaald.
Uitkomst: Verzoek tot vergoeding van rechtsbijstandkosten van €550,- wordt toegewezen omdat de strafzaak is geëindigd na niet-ontvankelijkverklaring van het OM.