ECLI:NL:GHAMS:2017:4558
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mishandeling na tegenstrijdige getuigenverklaringen
Op 26 september 2015 ontstond een conflict tussen verdachte en aangeefster op station Amsterdam Amstel over spullen die aan verdachte of haar dochter toebehoorden. De aangeefster beschuldigde verdachte van het slaan en stompen in het gezicht, terwijl verdachte ontkende te hebben geslagen en slechts sprak van duwen of trekken.
De aangeefster werd ondersteund door getuige Akka, die verklaarde te hebben gezien dat verdachte de aangeefster met een vlakke hand sloeg. De verdediging werd gesteund door getuige Boumans, die de lezing van verdachte bevestigde. Door de tegenstrijdigheid tussen de verklaringen en het feit dat de verklaring van getuige Akka op belangrijke punten afweek van die van de aangeefster, oordeelde het hof dat het bewijs niet wettig en overtuigend was.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van de ten laste gelegde mishandeling. De advocaat-generaal had nog een geheel voorwaardelijke geldboete van €400,- en subsidiair acht dagen hechtenis gevorderd, maar deze vordering werd verworpen. Het arrest werd uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 29 mei 2017.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van mishandeling wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.