Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Tenlastelegging
Vonnis waarvan beroep
Bewezenverklaring
hij op 13 september 2016 te Zaandam, gemeente Zaanstad, toen de aldaar dienstdoende [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] (beiden hoofdagent van politie Noord-Holland), verdachte op verdenking van het overtreden van artikel 184 van Pro het Wetboek van Strafrecht, op heterdaad ontdekt, hadden aangehouden en vastgegrepen, teneinde hem ten spoedigste voor te geleiden voor een hulpofficier van justitie en hem daartoe over te brengen naar een plaats van verhoor, te weten het politiebureau Zaandijk, zich met geweld heeft verzet tegen bovengenoemde opsporingsambtenaren, werkzaam in de rechtmatige uitoefening hunner bediening, door opzettelijk gewelddadig kracht op zijn armen te zetten en te trachten zijn armen bij zijn lichaam te houden en (te trachten) zich in een andere richting te bewegen dan die waarin de opsporingsambtenaren hem trachtten te bewegen.
Bewijsmiddelen
mededelingvan
verbalisanten (of één of meer van hen):
verklaring van de verdachte:
eigen waarneming van het hofop de terechtzitting van 18 december 2017.
verklaring van de verdachteop de terechtzitting in hoger beroep van 18 december 2017.
Nadere bewijsoverwegingen naar aanleiding van gevoerde verweren
Zeg mij waarom ik een bekeuring krijg, waarom dan, kijk mensen, waarom dan?’ – de mobiele telefoon waarmee hij filmde op zeer korte afstand van hun gezichten hield, waardoor [slachtoffer 1] werd belemmerd in de uitvoering van zijn werkzaamheden. Het hof onderschrijft de stelling van de verdachte ter terechtzitting “dat het inderdaad lijkt alsof ik op tien centimeter afstand film”, maar acht de juistheid van zijn stelling dat “dat komt omdat het beeld is ingezoomd” niet aannemelijk; die laatste stelling is niet onderbouwd, is niet reeds betrokken toen de verdachte kort na zijn aanhouding door de politie is gehoord (p. 13) en vindt ook overigens geen weerklank in het procesdossier.
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
taakstrafvoor de duur van
25 (vijfentwintig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
12 (twaalf) dagen hechtenis.