ECLI:NL:GHAMS:2017:5458
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling minderjarige afgewezen wegens afgenomen ontwikkelingsbedreiging
De zaak betreft een hoger beroep tegen de verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige, [kind a]. De moeder verzocht vernietiging van de verlenging omdat volgens haar de ernstige ontwikkelingsbedreiging niet meer aanwezig was. De gecertificeerde instelling (GI) en de raad voor de kinderbescherming stelden dat de bedreiging nog steeds bestond vanwege instabiliteit bij de moeder en gebrek aan contact met de vader.
Tijdens de zitting bleek dat de situatie tussen de ouders was verbeterd, het contact tussen vader en kind regelmatig was en de relatie tussen moeder en oma was verbeterd. De moeder was emotioneel en fysiek beschikbaar, en [kind a] deed het goed op de crèche. De moeder volgde nog Nika-trainingen en stond open voor hulpverlening.
Het hof concludeerde dat de ondertoezichtstelling tot het moment van de bestreden beschikking gegrond was vanwege ernstige ontwikkelingsbedreiging, maar dat deze bedreiging inmiddels was weggenomen. De moeder accepteert de noodzakelijke zorg en er zijn onvoldoende aanwijzingen dat zij hulpverlening zal afwijzen. Daarom werd het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling afgewezen, terwijl de eerdere beschikking voor het overige werd bekrachtigd.
Uitkomst: Verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt afgewezen wegens afgenomen ernstige ontwikkelingsbedreiging.