Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
Oplegging van straf
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
120 (honderdtwintig) dagen.
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak stond de verdachte terecht voor het stelselmatig inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer van zijn ex-vriendin en het meermalen bedreigen van haar met de dood. Tevens had hij zich niet gehouden aan een gedragsaanwijzing die hem verbood in de nabijheid van haar adres te komen en contact met haar te hebben.
De politierechter veroordeelde de verdachte tot 120 dagen gevangenisstraf, waarvan 76 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar. De advocaat-generaal vorderde een hogere straf van 150 dagen waarvan 30 dagen voorwaardelijk. Het hof heeft het vonnis van de politierechter bevestigd wat betreft de bewezenverklaring, maar vernietigde het deel van het vonnis betreffende de strafoplegging.
Na beoordeling van de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn gepleegd, en de persoonlijke situatie van de verdachte, waaronder negatieve reclasseringsadviezen, heeft het hof geoordeeld dat een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 120 dagen passend is. Het hof vond geen toegevoegde waarde in een voorwaardelijke straf gezien het feit dat de verdachte zijn straf al volledig had uitgezeten en zich niet aan afspraken hield.
Het hof heeft tevens bepaald dat de tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht op de opgelegde straf. De overige onderdelen van het vonnis van de politierechter blijven ongewijzigd.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 120 dagen gevangenisstraf zonder voorwaardelijk deel.