ECLI:NL:GHAMS:2018:1531
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis zakkenrollerij na toetsing getuigenverklaringen
In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam inzake zakkenrollerij heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis bevestigd. De zaak betreft een verdachte die ervan werd verdacht te hebben geprobeerd de portemonnee van een getuige weg te nemen uit diens jaszak.
De verdediging voerde aan dat de aangifte van de eerste getuige niet op eigen waarneming berustte en dat deze in strijd was met de verklaring van een tweede getuige. Het hof oordeelde echter dat de aangifte van de eerste getuige grotendeels gebaseerd was op diens eigen waarnemingen, met uitzondering van diens conclusie over de poging tot diefstal.
Gezien de combinatie van de eigen waarnemingen van de eerste getuige en de verklaring van de tweede getuige achtte het hof het ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen. De overige door de verdediging aangevoerde punten werden door het hof verworpen op grond van de aanwezige bewijsmiddelen.
Het hof voegde een bewijsoverweging toe en schrapte een specifieke zin uit het bewijsmiddel, maar bevestigde verder het vonnis van de politierechter. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 23 maart 2018.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt het vonnis en veroordeelt de verdachte voor poging tot zakkenrollerij.