ECLI:NL:GHAMS:2018:1676
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- P.C. Römer
- M.M. van der Nat
- M. Senden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis witwassen met aanvulling op strafmaat door Gerechtshof Amsterdam
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 29 mei 2018 het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 1 december 2014, waarbij verdachte werd veroordeeld voor witwassen. Dit hoger beroep volgde na een terugwijzing door de Hoge Raad in november 2016.
De raadsman van verdachte voerde aan dat het geld dat verdachte bij zich had deels afkomstig was van legitieme inkomsten uit mede-eigendom van een café-restaurant en deels van een lening. De verdediging stelde dat verdachte primair vrijgesproken moest worden en subsidiair de straf gematigd. Het hof verwierp dit verweer omdat niet aannemelijk was dat het geld daadwerkelijk uit de genoemde legale bronnen afkomstig was.
Daarnaast wees het hof het strafmaatverweer af dat rekening zou moeten worden gehouden met het verlies van spaargeld door verdachte, omdat ook dit niet aannemelijk was gebleken. Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank, maar vulde de gronden aan, met name met betrekking tot de strafmaat.
Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 29 mei 2018.
Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling voor witwassen en wijst het verweer af, met aanvulling van de strafgronden.