ECLI:NL:GHAMS:2018:1974

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
30 mei 2018
Publicatiedatum
18 juni 2018
Zaaknummer
23-003509-17
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 63 SrArt. 9 Wegenverkeerswet 1994
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging vonnis en oplegging voorwaardelijke gevangenisstraf in hoger beroep

In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 30 mei 2018 het vonnis van de rechtbank vernietigd voor zover het de strafoplegging betreft. De verdachte werd veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie weken. Daarnaast werd een gevangenisstraf van twee jaren opgelegd, waarvan de uitvoering werd opgeschort onder voorwaarden, waaronder een proeftijd.

Het hof beval tevens de tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van twee weken, opgelegd door de politierechter te Rotterdam op 7 februari 2017. Voor het overige werd het vonnis van de rechtbank bevestigd.

De wettelijke bepalingen die in deze zaak werden toegepast zijn onder meer artikelen 14a, 14b, 14c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en artikelen 9 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994. De uitspraak betreft een hoger beroep waarin het hof de strafoplegging heroverwoog en aanpaste, terwijl de overige onderdelen van het vonnis ongewijzigd bleven.

Uitkomst: Veroordeling tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie weken met bevestiging van het overige vonnis.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg : 96-121156-17 en 96-215262-16 (TUL)
datum vonnis : 5 oktober 2017
parketnummer hoger beroep : 23-003509-17
datum arrest : 30 mei 2018
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 30 mei 2018 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1986 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 14a, 14b, 14c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 9 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994.
Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezen verklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de strafoplegging en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) weken.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 7 februari 2017, parketnummer 96-215262-16, te weten van:
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) weken.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.
Gewezen door mr. M. Iedema, in bijzijn van R.L. Vermeulen, griffier.
mr. M. Iedema